
De kleine dingen die het leven weer laten stromen
Er was een moment waarop ik ,terugblikkend merkte dat er iets miste.
Niet iets groots, niet iets wat schreeuwde — eerder een zachte, stille leegte.
Mijn dagen waren gevuld met werken, zorgen, regelen. Alles liep, maar ergens voelde het alsof ik zelf een stukje stilviel.
Een vriendin had me al vaker gezegd: “Je hebt creativiteit nodig, Irene. Dat is waar je van opbloeit.”
Ze zei het liefdevol, met die blik die me al jaren kent.
Ik knikte dan wel, maar ergens dacht ik: ja, ja, ooit weer eens. Af en toe deed ik een poging tot, maar... Het kwartje viel gewoon niet.
Totdat ik, zomaar in het weekend, weer begon te schrijven.
Een stukje borduurwerk pakte dat al maanden in de kast lag. Een brood bakte — met de geur van gist die langzaam de keuken vulde. Niets bijzonders. Gewoon iets doen met mijn handen, zonder doel.
En toen gebeurde het.
Niet meteen, maar na een paar weekenden merkte ik: er kwam meer lucht.
Mijn hoofd voelde zachter.
Er zat weer kleur in mijn stemming.
De terugkeer van zachtheid
Ik dacht altijd dat creativiteit vooral “leuk” was — iets voor erbij, als er tijd over was.
Maar nu voelde ik het verschil in mezelf.
De spanning die ik eerder niet eens meer opmerkte, loste langzaam op.
Alsof ik weer iets terugvond wat ik ongemerkt kwijtgeraakt was: speelsheid.
Er zat ook meer rust in me. Meer joy.
Niet die uitbundige blijdschap, maar een stille tevredenheid die van binnenuit komt.
Het was alsof mijn systeem zuchtte: oh ja, dit hoort er ook bij.
Wat er eigenlijk gebeurt
Toen ik me later verdiepte in wat er eigenlijk gebeurde, viel er nog meer op zijn plek.
Onderzoek laat zien dat kleine, creatieve handelingen — zoals schrijven, borduren of bakken — onze hersenen activeren in gebieden die te maken hebben met beloning, verbinding en focus.
Er is iets bijzonders aan het herhalende in zulke activiteiten.
Het ritme van de naald door stof.
Het kneden van deeg.
De herhaling kalmeert ons zenuwstelsel, omdat het voorspelbaar is.
Het biedt houvast — een zachte vorm van controle in een wereld die vaak zoveel prikkelt.
En tegelijkertijd nodigt creativiteit juist uit om te experimenteren.
Om nieuwe dingen te proberen, maar in een veilige context.
Een ander patroon, een nieuw recept, een zin die ineens anders klinkt dan verwacht.
Zo oefenen we ongemerkt in flexibiliteit, zonder dat het spannend voelt.
In de psychologie noemen ze dat een “veilig laboratorium” voor groei:
iets nieuws proberen in een omgeving waar falen niet echt bestaat.
Precies dat maakt hobby’s en rituelen zo’n krachtige plek voor herstel.
Het is betekenis in actie.
Geen groot plan, geen perfect systeem.
Gewoon: iets doen wat klopt met wie je bent.
Kleine rituelen, grote werking
Datzelfde geldt voor de kleine momenten van elke dag.
Mijn kopje matcha in de ochtend.
Het geluid van het geknisper van een kaars.
Een kat die kirrend langs het raam loopt.
Het schrijven in de zon, met uitzicht op groen.
Ze lijken klein, maar in werkelijkheid herprogrammeren ze je aandacht.
Ze brengen je terug in het nu.
En dát — zo laat ook onderzoek naar geluk zien — is waar veel van ons welzijn vandaan komt:
aanwezigheid, niet de hoeveelheid dingen die we doen.
Harvard-onderzoeker Matt Killingsworth ontdekte ooit dat mensen zich het gelukkigst voelen wanneer hun gedachten zijn waar hun lichaam is.
Niet afgedwaald in gisteren of morgen, maar simpelweg hier.
Dat lukt me het best op die momenten van ritueel.
Wanneer ik mijn matcha opschuim en de geur langzaam de keuken vult.
Wanneer ik de stilte hoor voordat de dag begint.
De reis van integratie
Ik dacht lang dat ik geluk kon “vasthouden” — dat ik, als ik de juiste gewoontes had, er niet meer vanaf zou glijden.
Maar het is geen bezit, het is een beweging.
Een ritme.
Soms ben je afgestemd, soms even niet.
Integratie in het dagelijks leven betekent voor mij niet dat het altijd lukt.
Het betekent dat ik blijf terugkeren.
Dat ik blijf oefenen in zachtheid, ook als het even niet stroomt.
Dat ik niet boos word op mezelf als ik het kwijt ben, maar nieuwsgierig: wat heb ik vandaag nodig?
Want wat nu werkt, hoeft niet voor altijd te werken.
We veranderen.
Onze levensfasen verschuiven.
En wat betekenisvol voelt, beweegt mee.
Misschien wordt schrijven straks wandelen.
Of bakken straks tuinieren.
Het gaat niet om de vorm, maar om de verbinding met jezelf.
Misschien herken je dat ook.
Dat er periodes zijn waarin je voelt: ik leef, ik stroom —
en andere waarin alles wat stroever gaat.
Wat als juist dát het leven is?
En wat als geluk vooral schuilt in de momenten waarop we onszelf toestaan om te blijven leren hoe we willen leven?
✨ Wil je dit soort inzichten liever horen? Luister dan de podcast van deze week: over hoe kleine rituelen grote invloed hebben op hoe we ons voelen.









