De stem die zegt: ‘Ik doe het alweer niet goed’
Over innerlijke criticus, zelfkritiek en kiezen voor een andere aanpak.
Er zijn van die momenten waarop iemand iets zegt dat op papier heel onschuldig klinkt.
Een tip.
Een goedbedoeld advies.
- “Heb je dit al eens geprobeerd?”
- “Misschien helpt het als je net iets anders eet.”
- “Meer bewegen doet wonderen.”
Ik knik. Ik glimlach. Ik reageer vriendelijk. En ondertussen... Gaat het los in mijn hoofd.
Zie je wel.
Je bent te dik.
Je moet eerst afvallen voordat je goed genoeg bent.
Waarom heb je dit nou nóg steeds niet op orde?
Hoe vaak ben je hier al mee bezig geweest — en wat heeft het opgeleverd?
Het zijn geen fluisteringen. Het is mijn innerlijke criticus in volle overtuiging.
De innerlijke dialoog waar niemand iets van ziet
Die stem komt ook mee de sportschool in. In kleding die — naar mijn gevoel — veel te duidelijk laat zien wat ik liever zou verbergen. Terwijl ik mijn oefeningen doe, draait er een film in mijn hoofd:
Ze zien het.
Ze denken er vast iets van.
Je hoort hier niet.
En daar sta ik dan. Fysiek aanwezig. Meer bezig met de andere fitnessers, dan met mijn eigen work-out. Mentaal bezig met overleven.
Wat zelfkritiek écht doet
Wat dit met me doet? Ik krimp ineen. Het voelt alsof de grond onder me openscheurt — en ik hoop heel even dat hij me opslokt. Dat gebeurt niet.
In plaats daarvan stapelen gevoelens zich op: schaamte, woede en walging richting mezelf. En daaronder… angst. Die angst kan zo sterk worden dat hij paniekaanvallen triggert. En paniek zorgt ervoor dat ik situaties ga vermijden.
Dat ik me terugtrek. Dat mijn wereld — keer op keer — kleiner wordt. Niet omdat ik niet wil veranderen. Maar omdat mijn systeem overspoeld raakt.
Het moment waarop iets begon te kantelen
Er was een moment dat ik mezelf betrapte op iets confronterends. Ik moedigde vriendinnen aan. Wildvreemden ook. Mensen die zichzelf genadeloos toespraken.
Ik zei niet alleen:
- “Neem die stemmen niet zo serieus.”
- Ik wees ze ook op het bewijs:
- op alles wat wél lukte
- op waar hun innerlijke criticus overdreef of loog
- op het verschil tussen feiten en veroordelingen.
Ik liet ze zien dat hun zelfkritiek geen betrouwbare verteller was. En toen dacht ik:
Waarom doe ik dit wel voor anderen… en niet voor mezelf?
Waarom spreek ik mezelf strenger, harder en meedogenlozer toe dan een wildvreemde? Dat was het moment waarop ik inzag: dit is geen disciplineprobleem. Dit is zelf-sabotage.
Mildheid is geen wegkijken
Laat ik dit helder zeggen: milder zijn voor mezelf betekent niet dat ik niet eerlijk kijk. Ik kijk wél naar mijn gedrag. Mijn keuzes. Mijn verantwoordelijkheden.
Als ik merk dat ik me irriteer aan hoe lastig het is om leuke outfits te vinden door mijn postuur, dan heb ik opties.
Ik kan:
- kiezen om mijn postuur te veranderen zodat die outfits wél passen
- andere plekken zoeken waar ik kleding vind die beter aansluit
- zelf outfits maken of laten maken
- of accepteren dat dit is hoe het nu is.
Welke keuze ik ook maak: het vraagt dat ik mijn acties en prioriteiten daarop afstem. Zonder zelfhaat. Zonder mezelf af te branden.
Maar ook zonder mezelf klein te houden.
Niet iedereen floreert onder hardheid
Er zijn mensen die juist in actie komen door strengheid. Die geactiveerd worden door druk. Die floreren bij perfectionisme en “kom op, doorzetten”. Ik ben niet zo iemand.
Bij mij leidt hardheid niet tot beweging, maar tot angst. Tot verkramping. Tot afhaken. Dus als ik iets wil veranderen —in mijn lichaam, mijn leven of mijn gedrag — is er een andere tactiek nodig.
Niet softer om weg te kijken, maar slimmer om niet vast te lopen.
De stem is niet weg — maar ik kies bewuster
Die innerlijke criticus is er soms nog steeds. En nee — dit proces is niet lineair. Ik val. Ik twijfel. Ik moet mezelf steeds opnieuw oprapen en bewust kiezen om weer naast mezelf te gaan staan.
Dat is lang niet altijd makkelijk. Soms wil ik terug in de slachtofferrol. Mezelf zielig vinden. Mopperen dat ik hier zo alert op moet blijven. En toch… is het iedere dag opnieuw een keuze. Niet perfect. Wel bewust.
Van krimpen naar uitbreiden
Wat het me oplevert? Voor het eerst in jaren is mijn leven weer aan het uitbreiden in plaats van aan het krimpen. Meer ruimte. Meer plezier. Meer kleine geluksmomenten.
Niet omdat het leven ineens licht is, maar omdat het draagbaarder wordt. Omdat ik — met mildheid én eerlijkheid — de moeilijke dingen kan doen die nodig zijn.
Misschien zegt die stem niet dat je faalt
Als jij die stem ook kent — die zegt dat je het alweer niet goed doet — dan is dit misschien geen teken dat je faalt.
Misschien is het een signaal dat jouw systeem geen hardheid nodig heeft, maar veiligheid.
Geen wegkijken. Geen zelfafwijzing. Maar een beschermende cheerleader die naast je blijft staan terwijl jij keuzes maakt — en ze ook draagt.
En morgen… mag je opnieuw kiezen.
✍️ Journalvraag (verdieping)
Als ik volledig eerlijk ben, zonder mezelf af te branden:
- elke keuze heb ik hier eigenlijk — en welke actie hoort daarbij als ik mezelf wil helpen in plaats van saboteren
- En: wat zou ik tegen een goede vriendin zeggen als zij in precies deze situatie zat?