Eigenaarschap nemen: waarom ‘ik kan hier niets aan doen’ je klein houdt
Eigenaarschap nemen betekent niet dat het jouw schuld is — wel dat je het stuur weer in handen krijgt. Een persoonlijk verhaal over macht, trauma en keuzevrijheid.
Er is een lange tijd geweest dat ik dacht dat ik niets kon doen aan mijn stemmingen, mijn buien, mijn depressieve periodes.
Het overkwam me gewoon. Alsof je door verkeerd uit bed te stappen ineens depressief kon worden.
Ik wees naar alles buiten mezelf.
Het weer.
Hoe anderen me behandelden.
De pech die me steeds weer leek te vinden.
En eerlijk? Dat voelde logisch. Zelfs een beetje geruststellend. Want als het niet aan mij ligt, hoef ik ook niets te veranderen.Maar precies daar zat de prijs die ik nog niet wilde zien.
Eigenaarschap nemen klinkt voor veel mensen groot, zwaar of zelfs hard. Zeker als je worstelt met je stemming, mentale gezondheid of oude pijn. En toch is het juist daar — niet bij controle, maar bij eigenaarschap — waar vaak de eerste echte ruimte ontstaat om je beter te gaan voelen.
De comfortabele gevangenis van machteloosheid
Het is verrassend makkelijk om alles buiten jezelf de schuld te geven.
Niet omdat je lui bent.
Niet omdat je geen persoonlijke verantwoordelijkheid wilt nemen.
Maar omdat het je beschermt tegen een ongemakkelijke waarheid:
👉 Als je écht niets kunt doen, hoef je ook niet te voelen dat je iets laat liggen.
Alleen… die bescherming houdt je ook vast.
Want zodra ik alles buiten mezelf legde, gaf ik tegelijkertijd alle macht uit handen. Ik begon te denken in termen van schuld, pech, geen keuze. En als je denkt dat je geen keuze hebt, dan voelt niets doen ineens logisch.
Niet bewust. Niet expres. Maar wel consequent.
Ik zag simpelweg niet dat er een keuze wás. En dus voelde regie over mijn leven ver weg.
Wat betekent eigenaarschap nemen eigenlijk?
Wat ik toen nog niet begreep, is dat ik twee dingen volledig met elkaar verwarde:
persoonlijke verantwoordelijkheid
en
invloed op de wereld buiten mij.
Ik dacht dat eigenaarschap nemen betekende dat ik controle moest hebben over wat anderen deden. Over wat mij was aangedaan. Over omstandigheden die objectief gezien niet eerlijk waren.
Maar eigenaarschap gaat daar niet over. Het gaat niet over de wereld buiten je. Het gaat over hoe jij jezelf reguleert, hoe je interpreteert wat er gebeurt, en waar jij — vaak onbewust — jouw kracht en macht laat liggen.
Niet om harder te worden. Wel om weer grip te krijgen op je leven. Dat inzicht kwam bij mij niet in één keer. Het kwam in lagen. In tijd.
En in twee ontmoetingen in het Rotterdamse openbaar vervoer.
Twee ontmoetingen, één langzaam kwartje
Een paar maanden na de aanranding zag ik hem voor het eerst weer. In het OV, waar ik hem die eerste keer ook ontmoette.
Mijn lijf was me voor. Mijn adem schoot omhoog, mijn spieren verstijfden, mijn hoofd ging op slot. Het onveilige gevoel was er meteen weer — rauw en allesoverheersend.
Dat was logisch. Menselijk. Echt. Mijn systeem deed precies wat het moest doen om mij te beschermen.
Ongeveer drie jaar later gebeurde het opnieuw. Weer het OV. Weer hij. En dit keer ging hij naast me zitten. Op dat moment was er geen groot inzicht. Ik voelde vooral spanning. Alertheid. Ongemak.
Pas later — thuis, terwijl ik hierover begon te schrijven - begon het kwartje langzaam te vallen. Hij herkende me niet eens.
Geen blik van herkenning. Geen aarzeling. Alsof ik een willekeurige passant was. Alsof ik geen enkele rol had gespeeld in zijn leven.
Van boosheid naar eerlijk kijken
Mijn eerste reactie was niet mild. Ik werd boos. Op mezelf. Hoe had ik hem zo lang macht over me kunnen geven? Waarom had hij nog steeds zo’n grote rol in mijn leven, terwijl hij allang door was gegaan? Die boosheid was begrijpelijk. Maar ze hielp me niet verder.
Pas later kon ik er met meer compassie naar kijken. En zag ik hoe verleidelijk het was geweest om mezelf vooral als slachtoffer te voelen. Want zolang ik het zo bleef zien, hoefde ik niet onder ogen te komen dat ik hier óók iets mee kon. En precies daar zat de verschuiving.
Op het moment dat ik begon te zien dat ik invloed had, zag ik ook wat ik al die tijd had gedaan: 👉 ik gaf hem die macht.
Niet bewust. Niet expres. Maar wel consequent.
En met dat besef kwam iets anders mee: 👉 wat ik geef, kan ik ook weer terugnemen.
Niet door te doen alsof het niets was. Niet door mijn gevoel weg te duwen. Maar door mezelf toe te staan om vrij te zijn van de gevolgen van dat moment in mijn leven. Om weer emotionele veiligheid te ervaren — in mezelf.
Eigenaarschap nemen zonder hardheid
Eigenaarschap nemen betekent niet dat je schuld hebt. Het betekent dat je je keuzevrijheid terugpakt. Dat je weer regie voelt over je leven. Niet over wat je is aangedaan.
Maar over hoe lang het je nog mag besturen. Het vraagt brutal honesty naar jezelf — niet hard, niet veroordelend, maar helder genoeg om ruimte te maken voor verandering.
Want zolang je denkt dat je niets kunt doen, blijft niets doen logisch. En blijft verandering buiten bereik. Terwijl het stuur vaak dichter bij je handen ligt dan je denkt.
Een uitnodiging voor jou
Misschien mag je jezelf — heel zacht — deze vraag stellen:
Waar in jouw leven geef jij (nog) macht weg, terwijl jij eigenlijk verlangt naar meer rust, veiligheid of regie?
En wat zou er gebeuren als je daar, al is het maar een millimeter, iets van terugpakt? Niet vandaag perfect. Niet zonder gevoelens. Maar stap voor stap, op jouw tempo.