Veerkracht: geen pantser, maar een spier

Soms lijkt veerkracht iets voor de sterke types. Mensen die fluitend door een scheiding, reorganisatie én verbouwing fietsen zonder hun glimlach te verliezen. Die omvallen, opstaan, cappuccino pakken en zeggen: “Ach joh, het hoort erbij.”

Maar laten we eerlijk zijn: dat is geen veerkracht. Dat is overleving. En daar breken mensen op. Want echte veerkracht ziet er anders uit. Echte veerkracht is:

“Ik weet niet hoe ik dit ga doen, maar ik blijf bij mezelf – en ik vraag hulp als ik het niet meer weet.”

Het is geen pantser. Het is een spier. En die kun je trainen.

“Soms huil ik op maandag, en lach ik op dinsdag”. Een van mijn cliënten zei dit tijdens een sessie. Ze was een kei in plannen, doorgaan en zich sterk houden. Maar haar stemmingen wisselden sneller dan het Nederlandse weer. “Ben ik nou labiel?” vroeg ze. Nee. Ze was uitgeput.

En uitgeputte mensen hebben weinig buffer. Elke impuls – van een boze e-mail tot een opmerking van een collega – voelt als te veel. Niet omdat ze zwak zijn, maar omdat hun veerkracht-systeem onder druk staat.

Wat is veerkracht eigenlijk?

Veerkracht wordt in de psychologie gedefinieerd als het vermogen om aan te passen aan stress en te herstellen van tegenslag. Volgens APA (American Psychological Association, 2020) is het “geen eigenschap die je wel of niet hebt, maar een proces van aanpassing.”

Neuropsycholoog Rick Hanson legt het mooi uit: wanneer we veerkrachtig zijn, hebben we een flexibel zenuwstelsel. We kunnen op- en afschalen. We voelen stress – maar we blijven er niet in vastzitten.

Vergelijk het met een elastiek: het rekt uit, en komt weer terug. Maar als het te vaak uitrekt zonder pauze? Dan knapt het.

Wat beïnvloedt veerkracht?

Volgens onderzoek (Masten, 2001; Luthar et al., 2000) zijn er 5 kernfactoren die bijdragen aan psychologische veerkracht:

  1. Emotionele regulatie – Kun je gevoelens herkennen en verwerken, zonder erin te verdrinken
  2. Zelfbewustzijn en betekenisgeving – Kun je je ervaringen duiden?
  3. Sociale steun – Heb je mensen bij wie je echt mag landen?
  4. Probleemoplossend vermogen – Kun je in actie komen waar nodig?
  5. Fysiek en mentaal herstelvermogen – Hoe goed laad je op?

En nee – je hoeft niet op alles een 10 te scoren. Sterker nog: vaak groeit veerkracht juist in het falen, voelen en vallen. 

En wat heeft dit met stemmingswisselingen te maken?

Stemmingswisselingen worden intenser als je veerkracht laag is. Als je reserves op zijn. Als je brein al dagen draait in overlevingsmodus. In stresssituaties raakt het brein uit balans. De prefrontale cortex (voor planning en zelfbeheersing) raakt onderdrukt, terwijl het limbisch systeem (emoties, impulsen) overuren draait.

Onderzoek van Arnsten (2009) toont aan dat chronische stress letterlijk de structuur van het brein verandert, wat leidt tot: 

  • Slechtere besluitvorming
  • Meer stemmingsschommelingen
  • Verminderd overzicht
  • Heftigere reacties op relatief kleine triggers

Dus als je jezelf de laatste tijd niet herkent: Nee, je bent niet gek. Je bent overbelast.

Waarom ‘doorgaan’ vaak het tegenovergestelde van veerkracht is

Veel mensen denken dat veerkracht betekent: “Ik bijt me er wel doorheen." , "Ik mag niet opgeven.” of een “Ik moet sterk blijven voor de kinderen / het werk / mijn omgeving.” Maar dat is geen veerkracht. Dat is perfectionisme in een power outfit.

Psychologe Kristin Neff noemt dit in haar werk “prestatiedruk op zelfzorg”. Ze toont aan dat zelfcompassie, niet zelfkritiek, leidt tot blijvende veerkracht. 

Een voorbeeld?

  • Je kunt blijven zwemmen tegen de stroming in –
  • Of je kunt even op je rug drijven, en leren meebewegen.

Allebei is een vorm van kracht. Maar alleen de tweede houdt je op de lange termijn boven water.

Story: De moeder die dacht dat huilen geen optie was

Een jonge moeder vertelde me dat ze zich zwak voelde omdat ze “niet meer vrolijk kon zijn.” Ze had een baby, een baan, een relatie. Alles wat op papier klopte. Maar ze huilde elke avond in de badkamer.

"Het is niet dat ik het niet red," zei ze, "ik ben gewoon nergens meer." Toen ik vroeg wanneer ze voor het laatst iets alleen voor zichzelf had gedaan, barstte ze opnieuw in tranen uit. Niet omdat ze brak. Maar omdat ze eindelijk iemand trof die het niet wegwuifde.

Dat moment? Dat ís veerkracht. Kwetsbaarheid erkennen = herstel activeren.

Hoe train je veerkracht als je op je tandvlees loopt?

Als alles teveel is, voelt 'aan jezelf werken' als nóg een taak. Daarom: klein. Zacht. Realistisch.

  • Miniherstel als levenshouding

5 minuten ademruimte. 1 zin in je dagboek. Oogcontact met een boom. Het hoeft niet spiritueel te zijn – alleen écht.

  • Normaliseer schommelen

Je stemming is niet stabiel. En dat hoeft ook niet. Een gezonde stemming varieert – zelfs binnen een uur.

  • Veerkracht = ritme, geen trucje

Wat geeft jouw systeem rust? Een warm bad? Vaste slaapuren? Geen nieuws na 20u? Dat is veerkrachtwerk.

  • Leer ‘stemmen in je hoofd’ herkennen

Stel jezelf de vraag: Is dit mijn innerlijke criticus, of mijn innerlijke kind dat iets nodig heeft? Reactie ≠ realiteit.

  • Investeer in échte verbinding

Niet oppervlakkige chats, maar mensen bij wie je iets mag laten vallen. Een appje met: “Het gaat even niet. Kun je gewoon even luisteren?” Dat is helend.

Tot slot – je bent niet zwak als je schommelt

Veerkracht is niet perfect zijn. Het is door elkaar geschud worden, maar toch blijven voelen wie je bent. Soms in stukjes. Soms met een traan. Soms met humor. En weet je? Misschien hoef je niet sterker te worden. Misschien hoef je alleen zachter te worden met jezelf.